Antidepressiva: de feiten

Een behandeling met antidepressiva is in veel gevallen succesvol. Ondanks de bewezen effectiviteit, leven er nog veel bezorgdheden en mythes over dit soort medicatie bij de bevolking.

Uit recent onderzoek blijkt dat:

  • Antidepressiva niet verslavend zijn
  • Antidepressiva geen stimulerende of kalmerende geneesmiddelen zijn, waarvan je ‘high’ wordt
  • Antidepressiva niet hetzelfde zijn als antipsychotica
  • Antidepressiva het evenwicht van de neurotransmitters in de hersenen herstellen


Antidepressiva werken niet onmiddellijk:

  • Een depressieve periode verdwijnt niet meteen, zelfs niet als je een effectieve medicatiekuur volgt
  • Antidepressiva werken niet meteen nadat je ze genomen hebt
  • Meestal moet je 2 tot 6 weken op dagelijkse basis antidepressiva innemen alvorens je enige verbetering ervaart


Je stopt best niet plotseling met het nemen van antidepressiva:

  • Het is belangrijk om de hele voorgeschreven medicatiekuur uit te nemen, zelfs al voel je verbetering
  • Vroegtijdig en plots stoppen met antidepressiva verhoogt de kans dat de depressieve klachten terugkomen
  • Om het risico op herval te verlagen, worden antidepressiva best tot 4 à 9 maanden na de eerste episode doorgenomen
  • Afhankelijk van de specifieke situatie, kan het zijn dat de medicatie langer dan 9 maanden moet worden ingenomen


Naast antidepressiva, zijn er nog andere groepen van medicatie, waarvan de effecten in niets gelijken op deze van antidepressiva:

  • Antipsychotica/neuroleptica worden gebruikt om psychoses en schizofrenie te behandelen
  • Anxiolytica en hypnotica (kalmeringsmiddelen/slaappillen), zoals benzodiazepines worden gebruikt om symptomen van angst- en om slaapstoornissen te behandelen. Dergelijke medicamenten brengen een verhoogd risico op verslaving met zich mee.
  • Indien je benzodiazepines meer dan 6 weken dagelijks neemt, loop je het risico om verslaafd te geraken
  • Voor oudere mensen, kunnen benzodiazepines toxisch zijn, wat kan resulteren in semidepressieve symptomen en cognitieve stoornissen.